Zing dit op de toon van ‘Hoor wie klopt daar kinderen’
Hoor wie drinkt daar koffie:
Hoor wie tikt daar zachtjes
Op de tafel zachtjes
Hoor wie wiebelt steeds maar met haar voooet,
Tis harriëtje zeker
Die verslaafd is zeker
En die geen koffie meer hebben moooet.
Refrein
Harriëeeeeheetje, Harriëeeeheetje,
Hoe moet dat nou, je kleingeld is op,
En jijijijjj wiiiil nog kooooffieee
Oh wát een grote strop.
Hoor wie graait daar zachtjes
In haar tas wanhopig
Hoor wie zoekt daar naar haar laatste geld
Tis Harriëtje zeker
Die wil koffie zeker,
En ze had het zo mooi uitgeteld,
Refrein
Harriëeeeeheetje, Harriëeeeheetje,
Hoe moet dat nou, je kleingeld is op,
En jijijijjj wiiiil nog kooooffieee
Oh wát een grote strop.
Hoor wie denkt daar kindren
Hoor wie knarst daar kindren
Wie bedenkt daar weer een heel goed plaaan
Tis sint niclaas zeker
Die briljant is zeker
Want hij geeft Harriët een thermoskaaan,
Refein:
Harriëeeeeheetje, Harriëeeeheetje,
Hoe moet dat nou, je kleingeld is op,
En jijijijjj wiiiil nog kooooffieee
Oh wát een grote strop.
Dit gedicht is ingezonden door Frea uit Groningen |