|
» voorpagina
|
rijmtipsDe kwaliteit van een Sinterklaasgedicht wordt in grote mate bepaald door de gekozen rijmconstructies. Hier vindt u een overzicht van de belangrijkste rijmbegrippen.
RIJMSCHEMA'SI. Gepaard rijm II. Omarmend rijm III. Gekruist rijm VOLRIJMVolrijm is de duidelijkste rijmvorm. De klank die twee rijmende woorden gemeen hebben, kan bestaan uit één, twee of drie lettergrepen.
I. Mannelijk of staand rijm II. Vrouwelijk of slepend rijm III. Onzijdig of glijdend rijm RIJK RIJMRijk rijm wordt ook wel identiek rijm genoemd. Deze rijmconstructie maakt er een gedicht niet fraaier op. Liever niet gebruiken dus. Voorbeelden: schenken/geschenken, hard/hart, geduld/ongeduld.
HALFRIJMAls alleen de klinkers of de medeklinkers op elkaar rijmen is er sprake van halfrijm. Vaak komt dit voort uit dichterlijke armoede; het is een makkelijke oplossing van een rijmprobleem. Bijvoorbeeld: naam/maan, nemen/beleven, kado/geloof. SCHRIKKELRIJMBij schrikkelrijm is sprake van woorden die wel dezelfde eindklanken hebben, maar niet dezelfde klemtoon. Feitelijk rijmen deze woorden niet op elkaar. Vermijden dus! Bijvoorbeeld: spontaan/weggaan. OOGRIJMOogrijm is een leuke manier om degene die het gedicht voordraagt in verwarring te brengen. Het gaat hier om woorden die op papier wel rijmen, maar bij het uitspreken niet. Bijvoorbeeld:Blaast opa op zijn fluitje, breng hem dan zijn pijpetuitje. of Terwijl hij die hommel ving, hoorde hij van de bommelding.
MIDDEN- EN BINNENRIJMWoorden kunnen ook binnen een versregel rijmen, wat vaak de sfeer of de humor binnen een gedicht ten goede komt. Bijvoorbeeld: ALLITERATIEAlliteratie is begimrijm: de beginklanken van een woord rijmen. Bijvoorbeeld: spic en span, in rep en roer.
ASSONANTIEAssonantie is klinkerrijm. Goed te gebruiken om een bepaald gevoel kracht bij te zetten. Bijvoorbeeld: vergeten en vergeven. ACCONSONANTIEAcconsonantie is medeklinkerrijm. Alleen de medeklinkers zijn gelijk, zoals bij: verbond/verband, verliefd/verloofd, dicht/verdacht. |
|
|
|
|
|
|
||